 |
Reisverslag Engeland 2006 |
 |
| Engeland |
|
Verenigd Koningkrijk |
15 Daagse hotelrondreis door Zuid Engeland van 9 juni t/m 23 juni 2006.
Na jaren vliegen leek het ons wel weer eens aardig om met de auto op vakantie te gaan. Snel op internet zoeken naar autoreizen.
De gedachte ging uit naar Zweden, Noorwegen, Noord Schotland of Engeland. Al snel kom je dan op de site van Buro Scandinavia Buro Britain Big Ben Tours.
Direct alle landen op één site! Uiteindelijk viel mijn oog op een mooie Hotelrondreis door Devon en Cornwall.
Daar begin en eindpunt van de reis net wat te ver van de Eurotunnel verwijderd waren, besloot ik zowel op de heen als op de terugreis een extra hotel te boeken.
Van Zeist naar Calais is ook al een behoorlijke rit.
Vrijdag 9 juni 2006. Om een uur of elf is alles gepakt voor vertrek. Volgens mijn pas aangeschafte Garmin Street-Pilot autonavigatie systeem, is de aankomsttijd in Calais 14:18 uur.
Prachtig want de trein naar Folkestone vertrekt om 15:12 uur. Uurtje speling dus. Alles loopt gesmeerd tot we in de buurt van Antwerpen in een file terecht komen.
Dat kost ons zo’n twintig minuten. Het inchecken en de douane nemen echter net iets te veel tijd. We mogen gelukkig met de volgende trein een half uur later.
Eénmaal in de shuttle krijgen we na eindeloos wachten te horen dat de loc defect is. Alle auto’s de trein uit en via een ommetje, rijden we een andere trein binnen.
Al met al weer een uur vertraging. Om weer wat tijd te winnen, houden we zoveel mogelijk de snelweg aan. Dankzij het uur tijdsverschil arriveren we tegen zessen bij ons Hotel Royal Oak in Sevenoaks.
Na het diner in het hotel, maken we nog een wandelingetje in de buurt. Het zonnetje schijnt nog steeds.
 |
Ramada Hotel & Resort in Elcot Park. |
Zaterdag 10 juni. Vrij vroeg wakker van het verkeer en de warmte. Om acht uur ontbijten we. De koffers gaan in de auto en om niet te snel in Newbury aan te komen,
kiezen we voor de kortste weg en geen snelwegen. Nou dat hebben we geweten! Zo ongeveer alle voorsteden van Londen doorkruist en een gigantisch aantal rotondes.
Na een kop koffie op een eenvoudig parkeerplaatsje bereiken we om 14:00 uur ons prachtig gelegen Ramada Hotel & Resort in Elcot Park, even voorbij Newbury.
Het is erg heet, dus tijd voor een groot glas bier in de schaduw op het terras. Later verdwijnt Coby naar het zwembad en ik ga met de verrekijker op stap.
Weinig vogels te bekennen. Die hebben het ook te warm. Bij het hotel nog maar een biertje op het terras en om zeven uur een heerlijk diner. ’s Avonds nog een stuk gelopen met een veel aangenamere temperatuur.
 |
Uitzicht op het dak van de Yarn Market, vanuit uit het gelijknamige hotel in Dunster. |
Zondag 11 juni. Voor het ontbijt even een rondje door het park. Veel konijnen en eekhoorns. We ontbijten om acht uur. Aansluitend checken we uit en gaan op weg naar Dunster.
Onderweg zijn erg weinig leuke stopplaatsen. Nog niet uitgevonden in Engeland. Toch maar een koffiestop gemaakt. Tijdens het tanken kopen we wat sandwiches voor de lunch.
Op een vrij ongezellige parkeerplaats genuttigd met een kop koffie. En dat terwijl de weg vaak zo prachtig is!
Om 14:30 uur arriveren we bij het Yarn Market Hotel Dunster en wandelen we door het gezellige winkelstraatje. Vlakvoor het hotel staat de Yarn Market uit 1609.
In deze kleine overdekte markt werd vroeger textiel verkocht. Na het diner loop ik nog naar de watermolen. Gesloten.
Dan even verder naar de Gallox- of Packhorse Bridge. Al iets te donker voor een foto.
 |
De Gallox- of Packhorse Bridge in Dunster. |
Maandag 12 juni. Ontbijt om acht uur en voor we de tocht naar Tintagel beginnen eerst nog even langs de Packhorse Bridge voor een foto. De watermolen is nog gesloten.
In het Exmoor Nationale Park gaan we op zoek naar de Tarr Steps. Dat is een oude brug van platte stenen, waarover men vroeger met paarden wol vervoerde naar Dunster.
Via heel veel smalle weggetjes, vaak niet veel meer dan "één Panda breed", komen we bij een parkeerplaats. We zijn de eersten.
Wandelend over een zonnig pad, bereiken we de brug. Na de nodige foto’s en zoeken naar vogels lopen we naar de Tarr Steps Inn voor een kop koffie.
Het restaurant is eigenlijk nog gesloten, maar de aardige dames weten toch een kop koffie te verzorgen. Vervolgens lopen we naar de auto en rijden verder.
Om een uur of twaalf zien we wat spetters op de voorruit, maar daar blijft het bij. In South Molton doen we wat boodschappen voor de lunch en om 13:00 uur zitten we droog te picknicken op een daarvoor bestemd terrein.
Om een uur of drie zijn we bij het Bossiney House Hotel in de buurt van Tintagel. Het zonnetje straalt weer volop, dus tijd voor een lekker glas bier.
Aansluitend verkennen we de omgeving en ontdekken we een prachtig pad, dat naar de rotskust voert. Om half acht eten we in het hotel.
Dan wordt het de hoogste tijd, plannen te maken voor de volgende dag, want we blijven hier twee nachten.
 |
De kust vlakbij het Bossiney House Hotel. |
Dinsdag 13 juni. We ontbijten om half acht. Het weer ziet er erg dreigend uit, dus besluiten we eerst met de auto op verkenning te gaan.
We rijden naar Tintagel en zien daar twee voetpaden naar de klifweg. Weten we alvast waar we uitkomen als we bij het hotel beginnen aan de wandeling langs de rotskust.
Vanuit Tintagel rijden we via erg steile smalle weggetjes binnendoor naar Port Isaac.
Onderweg begint het te regenen. Jammer, want het is er prachtig.
We rijden de weg in omgekeerde richting terug naar het hotel. Na een kop koffie en wat te eten op de hotelkamer, klaart het op. Precies zoals het voorspeld is.
We trekken de wandelschoenen aan en nemen het pad naar de kustweg. Een prachtige weg met fraaie uitzichten op de Keltische Zee. Het wordt steeds warmer.
Als we bij Tintagel Castle naar het dorp omhoog moeten klimmen is het al behoorlijk heet. In het dorp drinken we wat en nemen een kijkje bij het oude postkantoor, dat in de 19e eeuw al in gebruik was.
Het postkantoor is een gerestaureerd herenhuis uit de 14e eeuw. Een schitterend bouwwerk. We kopen een broodje voor onderweg en nemen een pad door de weilanden terug.
Tegen het eind van de middag zijn we terug bij het hotel en installeren we ons met een verkoeling op het grasveld. Om half acht is het diner.
Daarna plannen maken voor de volgende dag.
 |
Uitzicht uit het Mount Prospect Hotel in Penzance. |
Woensdag 14 juni. We ontbijten om half negen en ruim een uur later zijn we onderweg naar Penzance. Daar we tot Port Isaac al veel kleine weggetjes gereden hadden, besluiten we de snellere route te nemen.
Al vlug blijkt dat we veel te vroeg aan zullen komen, dus slaan we af naar St. Ives. Het is er ontiegelijk druk en we pakken dan ook al snel kleine weggetjes langs de kust.
We stoppen op een ommuurd parkeerplaatsje. Dit blijkt het beginpunt van een wandeling te zijn. Door het hekje in de muur komen we op een prachtig weitje.
Goed voor een picknick lunch. Het is behoorlijk warm, maar er staat gelukkig een beetje wind.
Via mooie weggetjes bereiken we toch al om 14:00 uur het Mount Prospect Hotel in Penzance. Prachtige kamer met uitzicht op haven en zee.
Na een drankje onder de parasol in de tuin, lopen we langs de haven en door de winkelstraat terug. Co neemt een duik in het zwembad en ik verkies het terras.
Vanaf het terras kun je net Sint Michael’s Mount zien liggen. We dineren in het voor onze begrippen chique hotel.
 |
St. Michael’s Mount gelegen voor de kust bij Marazion. |
Donderdag 15 juni. Ontbijt om half negen en vertrek een uurtje later. Eerst rijden we naar Marazion om het voor de kust gelegen St. Michael’s Mount te bekijken.
Leuk om de grote overeenkomst te zien met Le Mont St. Michelle voor de kust van St. Malo in Frankrijk. We bezoeken het eiland niet, maar rijden verder naar Trengwainton Garden in de buurt van Penzance.
Prachtige tuin met veel bloeiende planten, waaronder veel exoten. Helaas iets te laat voor de Rododendrons en de Azalea’s. Niet meer helemaal in volle glorie!
Als we achter een kop cappuccino met gebak zitten, ontmoeten we twee Nederlandse jongens. Ik vraag of ze nog naar Lands End geweest zijn en of het iets meer was dan een kermis.
(Dat had ik gelezen.) Ze zeiden dat ze niet thuis konden komen zonder er geweest te zijn, maar het was drie keer Valkenburg! Hierdoor valt onze keuze wel heel snel op Lizard Point.
Weliswaar niet het meest Westelijke puntje, maar wel het meest Zuidelijke.
Prima keus, want in het begin van de middag zitten we met prachtig weer en een fantastisch uitzicht op de Atlantische Oceaan, heerlijk te picknicken.
Na vieren zitten we achter een groot koel glas in de schaduw op het hotelterras. Tegen half zes lopen we nog even de stad in, maar het is behoorlijk uitgestorven.
Bijna alle winkels zijn dicht. We dineren weer in het hotel.
 |
Helaas is de Clapperbridge bij Dartmeet niet meer compleet. |
Vrijdag 16 juni. Om half negen ontbijten we en een uur later beginnen we aan de route van 140 km naar Two Bridges.
Voor een groot deel volgen we de A390 via Truro, St. Austell, Liskaerd en Tavistock.
Om een uur of elf vinden we een geschikte parkeerplaats voor een bakje koffie.
In Callington stoppen we bij de Spar, om wat in te kopen voor de lunch. Terwijl ik in de auto wacht, vraagt een vriendelijke man, of alles goed met me is en of ik verdwaald ben.
Ik leg uit dat ik me prima voel, maar dat mijn vrouw inkopen doet. Ook vertel ik hem, dat er zo weinig leuke picknick plaatsen zijn langs de weg.
Hij zegt me dat ik naar de 1096 meter hoge berg Kit Hill moet rijden. Er zijn daar uitstekende picknick mogelijkheden en je hebt uitzicht over Dartmoor, Plymouth tot Fowey enzovoort.
Het is er inderdaad prachtig, maar wel erg warm. Ook op deze hoogte geen zuchtje wind. Na een uurtje rijden we verder via Tavistock en om 14:30 uur arriveren we bij het Two Bridges Hotel.
Na inchecken en een kop koffie rijden we naar Dartmeet, waar de East- en West Dartriver bij elkaar komen. Helaas is de Clapperbridge niet meer compleet.
Voor het diner moeten we uitwijken. Populair restaurant en een bruiloft. We besluiten, zoals we elke vakantie éénmaal doen, om Mc. Donalds te bezoeken.
Ook daar is de navigator handig voor. We moeten wel terug naar Tavistock voor de dichtst bijzijnde. Terug in het hotel is het tijd voor een erg late "Gouden Rakker".
 |
De Clapperbridge bij Postbridge is gelukkig wel in tact. |
Zaterdag 17 juni. Om 8:30 uur hebben we een goed ontbijtbuffet en een uurtje later zijn we klaar voor vertrek. Eerst rijden we naar Postbridge, waar de beloofde Clapperbridge wel in tact is.
Net voor er een bus met Duitsers arriveert, maken we wat foto’s van de brug. Als we het informatie-centrum binnenstappen, zien we de twee Nederlandse jongens weer.
Daar het al weer ongebruikelijk warm begint te worden, vragen we naar een "koele wandeling". De dame verwijst ons naar Dartmeet, waar we al even waren.
Met picknickmand stellen we ons op in de schaduw aan het water. Goed plaatsje voor een kop koffie. Ik maak even een wandeling om te zien of het iets voor Coby is.
Het eerste stuk gaat redelijk in de schaduw langs de rivier, maar verderop gaat het volop in de zon behoorlijk omhoog.
Tegen twaalven wordt het tijd een winkeltje op te zoeken om wat inkopen te doen voor de lunch. We rijden naar Buckfastleigh. Geen winkeltje te vinden!
In een aardige tearoom "The Singing Kettle" eten we wat en het is inmiddels bijna half twee als we weer bij de auto zijn.
Door een doolhof van kleine weggetjes komen we bij "High Dartmoor" in de buurt van Bellever. Een mooi stuk bos, waar we een prachtige wandeling langs de rivier maken.
Wij zijn dan ook niet de enigen, die deze prachtige plek gevonden hebben! Het is een populaire picknick plaats.
Om half vijf zitten we even met een drankje op het terras bij het hotel. Voor het diner rijden we naar Princetown, waar we eerder een gezellig restaurant zagen.
Helaas gesloten! We kijken op de navigator naar eetgelegenheden. Komt er weer een man met de vraag of we verdwaald zijn.
We leggen de situatie uit en ik lees de namen voor van de restaurants. Als we van Chinees eten houden, is "Bird’s Nest" een heel goede keus volgens hem.
Ook erg toepasselijk voor een vogelaar vind ik. De Garmin brengt ons naar een achteraf straatje in Tavistock, voor de deur van de Chinees.
Het eten was, zoals de man beloofde voortreffelijk. Om acht uur zijn we terug bij het hotel en kan ik het biertje nemen, dat moest wachten tot na de rit.
 |
Het Fernworthy Reservoir. |
Zondag 18 juni. De rit naar Torquay is slechts 50 km. Als we om tien uur vertrekken hebben we nog alle tijd om naar het Fernworthy Reservoir te rijden.
Het stuwmeer ligt ten Noord-Oosten van Two Bridges. Anders gezegd de verkeerde kant op. Via veel smalle weggetjes bereiken we het meer.
Eerst een kop koffie en dan een wandeling naar de stuwdam. Veel Rododendrons! Via Manaton rijden we naar het iets grotere plaatsje Ashburton, op zoek naar broodjes voor de lunch.
Onderweg op zoek naar een geschikt picknick plekje. Het is zondag en prachtig weer, dus er zijn ook veel Britten op de weg.
Ongemerkt arriveren we dan ook al om een uur of twee bij het Robin Hill Hotel in Torquay. Dan maar een eenvoudige lunch op de kamer.
Vanuit het hotel lopen we naar de haven, waar weinig vogels te bekennen zijn. Ook lopen we de belangrijkste winkelstraten.
Op de kaart zie ik een kortere weg terug, maar door het ontbreken van hoogtelijnen, zie ik niet dat we eerst een heel eind moeten stijgen om later weer net zo’n eind te dalen.
Om half zeven lopen we richting haven en duiken een pizzeria binnen. ’s Avonds op de kamer veel foldertjes doornemen voor de activiteiten van de volgende dag.
Helaas is de bar gesloten op zondag!
 |
"The House of Marbles" in Bovey Tracey. |
Maandag 19 juni. Vandaag vermaken we ons in de buurt van Torquay. Het is bewolkt en een fris briesje maakt het wat aangenamer iets te ondernemen.
Na het ontbijt rijden we naar Cockington, vroeger een apart dorp, maar nu een wijk van Torquay. We wandelen langs de oude huisjes met rieten daken,
naar "The Courthouse", waar diverse vormen van nijverheid te bewonderen zijn, zoals potten bakkerij, quilten, glasblazen, kalligraferen enzovoort.
Achter het huis bekijken we nog de rozentuin en lopen dan door het park met verscheidene vijvers terug naar het dorpje.
Op een terrasje bij één van de huisjes nemen we een kop koffie. Dan rijden we naar de "Occombe Farm", een paar kilometer verder.
Het is een open biologische boerderij met winkel, een natuurpad en een vogelkijkhut. Via het natuurpad lopen we naar de hut, waar je op verscheidene voederplaatsen kijkt.
Vooral de prachtige Goudvinken trekken mijn aandacht. Verder zijn Groenling, Putter en verschillende Mezen te zien. We lopen verder naar de Orchideeënweide.
Zoveel heb ik er nog niet eerder bij elkaar gezien. Echt fantastisch! In de winkel kopen we broodjes, kaas en ham voor de lunch. Bij de auto eten we de broodjes, bij een kopje koffie.
Na deze eenvoudige lunch rijden we naar Bovey Tracey voor een bezoek aan "The House of Marbles". Er is echt van alles te zien, wat met knikkers te maken heeft.
Knikkerspelletjes, knikkerbanen zowel antiek als nieuw en van klein tot reusachtig groot. Ook nog een glasblazerij en een pottenbakkerij. Voor elk wat wils.
We drinken een kop koffie op het terras en even na vieren rijden we terug naar het hotel. ’s Avonds lopen we weer naar dezelfde pizzeria van de vorige dag.
Het is geen zondag meer dus kunnen we nog even genieten aan de bar van het hotel.
 |
Uitzicht vanaf het terras van hotel Grasmerehouse op de Kathedraal van Salisbury. |
Dinsdag 20 juni. Om half negen ontbijten we en een uurtje later zijn we klaar voor de 180 km, die we vandaag moeten rijden naar Salisbury.
Van een informatie bureau, in het Nationale Park Exmoor, had Coby het adres opgekregen van een Woollen Mill.
We zullen wat om moeten rijden om de Coldharbour Mill in Uffcombe aan te doen. Via de A380 komen we op de snelweg M5 die Zuidoostelijk langs Exeter loopt.
De reis verloopt vlot en om half elf zijn we al op onze bestemming. Het blijkt al snel, dat het kopen van een bepaalde kleur kilt, die Coby wilde, niet gaat lukken.
Dan maar een kop koffie met gebak. Bij het riviertje, dat langs de Mill loopt, zie ik een Grote Gele Kwikstaart. Bij meerdere stroompjes had ik daar al naar uitgekeken.
We rijden verder en in Taunton vinden we een grote supermarkt voor de lunch boodschappen. Even verder slaan we vanaf de A361 een klein weggetje in.
We vinden in de buurt van het gehucht Hedging een prachtig picknick plaatsje bij een sluis in het Canal. We vervolgen onze weg langs Street, Shepton Mallet, Frome en Warminster.
Vlak voor Salisbury vinden we een van de weg afgezonderde parkeerplaats met banken! Rustig plekje voor de koffie en een fraai uitzicht.
Het laatste stukje brengt ons bij het hotel Grasmerehouse in Salisbury. Aan de achterzijde bevindt zich een terras, met prachtig uitzicht op een rivierengebiedje en de Kathedraal.
Na een groot glas bier, loop ik even naar de Kathedraal en meteen daarachter zit het centrum. Gemakkelijk te belopen dus. Het diner gebruiken we in het hotel.
 |
Eén van de vele beeldhouwwerken, die de Kathedraal rijk is. |
Woensdag 21 juni. Als we om 8:45 uur, na het ontbijt nog even op het terras zitten, zie ik een Grote Mantelmeeuw en een Kleine Zilverreiger langs vliegen.
In de namiddag willen we de Stonehenge steencirkel bezoeken. Voor de TV hoorden we, dat de wegen nog uren geblokkeerd zullen zijn vanwege de 13.000 bezoekers,
die daar deze dag bij zonsopgang aanwezig waren. Vanmorgen gaan we dus eerst winkelen in de stad. Meebrengsels en dergelijke.
Via de Kathedraal lopen we naar de autovrije winkelzone. Het is vrij zwaar bewolkt, maar tijdens de korte opklaringen is het behoorlijk warm.
In de stad scharrelt een groot aantal Knobbelzwanen hun kostje op bij de plaatselijke bevolking.
Om een uur of twaalf pakken we even een terrasje. Terug bij het hotel nemen we een snacklunch. Op een kaart zag ik een wandelpad door het weidegebied achter het hotel.
Terwijl Coby wat rust na de stadstocht van vanmorgen, ga ik het pad verkennen. Bij het begin van het pad zie ik de Kleine Zilverreiger terug.
Het pad is duidelijk een verbinding tussen verschillende wijken van Salisbury, dus ik wandel niet alleen. De aangrenzende weilanden zijn verboden gebied.
Aan het eind kom ik uit op een stadspark met verscheidene bankjes, waar goed gebruik van wordt gemaakt. Ik neem ook even een bankje aan de rivier.
Terug over het zelfde pad, zie ik een leuke afkorting naar het hotel, langs de rivier. Na ruim anderhalf uur ben ik terug. Tijd voor een verfrissing op het terras.
Tegen half vijf vertrekken we naar Stonehenge. Het verkeer stroomt in beide richtingen goed door. Het parkeerterrein biedt ook voldoende ruimte.
We hebben nog voldoende gelegenheid de steencirkel goed te bekijken. Enerzijds jammer, dat je er niet echt dichtbij mag, maar anderzijds zou je dan steeds mensen op de foto krijgen.
Om zeven uur eten we weer in het hotel.
 |
De Stonehenge steencirkel. |
Donderdag 22 juni. Daar de rit vanaf Salisbury, via de Tunnel, naar huis veel te lang was, boekte ik een hotel in Royal Tunbridge Wells.
Na het ontbijt nemen we eerst een behoorlijk stuk secondaire wegen, maar daar de weersverwachting niet al te fraai was, toch maar een stuk snelweg.
Voor de koffie vinden we een redelijke parkeerplaats. Coby herinnerde zich een leuk handwerk winkeltje in Sevenoaks.
Hier verlaten we de M25 en komen ook langs ons eerste hotel. De herinnering blijkt helaas onjuist! Het is inmiddels half twee, dus stoppen we bij een aardig café.
Na wat soep en een broodje rijden we verder naar het Ramada Jarvis Hotel in Royal Tunbridge Wells, of eigenlijk in Pembury, niet ver daar vandaan.
Het is een vrij modern hotel, deels gebouwd in de vorm van een eesthuis, ofwel een droogtoren voor hop.
Na het inchecken gaat Coby zwemmen en ik kijk of er in de buurt nog iets te wandelen valt. Dat is niet het geval, dus kies ik als alternatief voor de bar.
’s Avonds eten we in het hotel en kijken nog een poosje TV.
 |
Het Ramada Jarvis Hotel in Royal Tunbridge Wells. |
Vrijdag 23 juni. Na het ontbijt vertrekken we vrij snel, Coby ruikt de stal! We nemen de A262 naar Ashford. Een prettige weg, waar je vlot kunt doorrijden.
Vanaf Ashford nog een stukje M20 tot Folkestone. Na ruim een uur rijden zijn we al bij de Tunnel. Wel twee uur te vroeg!
We hopen natuurlijk een trein eerder te mogen nemen, maar dat feest gaat niet door. We moeten wachten tot 12:04 uur.
Dan de auto maar parkeren en in de terminal wachten tot we mogen rijden. Er zijn een paar niet erg interessante winkels. Dus, kopje koffie, nog een kopje koffie en dan mogen we rijden.
Deze keer loopt alles voorspoediger dan op de heenreis. Volgens de berekening zouden we een uur of vijf thuis moeten zijn, maar ja, vrijdagmiddag.
Antwerpen werkt totaal niet mee! Uiteindelijk staan we om half zeven weer voor onze huisdeur.
Het meest belangrijk! Heelhuids thuis met heel veel mooie herinneringen!